Rolf Falter Historicus - Auteur - Analyst
Rolf Falter Historicus - Auteur - Analyst
Mijn nieuwste boek verschijnt op 10 maart 2026. Je kan het vinden in de boekhandel of rechtstreeks bestellen bij Lannoovia deze link:
https://www.lannoo.be/nl/de-unie-die-nooit-was
Op een andere pagina van deze website vind je al meer inlichtingen:
https://www.rolffalter.com/de-unie-die-nooit-was
Naarmate de verschijningsdatum nadert, gaan we al wat teasen over het boek. Bekijk hieronder al maar de aankondiging van het werk, en de toekomstvisie over Europa die ik op 2 januari van dit jaar in De Morgen publiceerde. Hier ook de link naar het beeldmateriaal dat illustreert wat er in het boek allemaal wordt besproken:
https://www.rolffalter.com/beelden-bij-de-unie-die-nooit-was
En verken gerust de andere rubrieken op deze website.
DE UNIE DIE NOOIT WAS.
WAAROM EUROPA STILSTAAT TERWIJL DE WERELD VOORBIJRAAST
Europa speelt niet meer mee in de wereld. De Europese leiders zijn verdeeld en machteloos. Ze kunnen enkel nog kruipen voor de Amerikaanse president. De Navo staat op springen. Oekraïne is verloren als het enkel op Europa kan rekenen.
Zo klinken de headlines sinds begin 2025. Ze zorgen voor hijgerige analyses en paniek bij de Europese media en politici. Rolf Falter wil met De Unie die nooit was daar wat rust en perspectief in aanbrengen.
Hij brengt helder het verhaal van hoe dit continent ruim drie kwarteeuw geleden een totale puinhoop was, hoe het niet in staat was te herrijzen, hoe enkel de harde maar ook genereuze hand van Amerika daar in slaagde. Hoe daaruit het unieke en begeesterende project van Europese samenwerking ontstond, hoe het groeide, hoe het triomfeerde, hoe het sinds twintig jaar stagneert en dus weer achteruitboert.
Het boek eindigt op een diepgaande analyse van hoe de EU vandaag de dag functioneert, en waar ze schromelijk tekortschiet, waarom de samenwerking is blijven haperen, waarom de Unie nooit een Unie geworden is. En wat eraan te doen zou kunnen zijn. Meer democratie bijvoorbeeld.
Europa is een briljant experiment maar ook een bruut machtsspel tussen naties en ego's. Dat was vroeger zo, dat is nog altijd zo, dat zal in de toekomst zo zijn. De Unie die nooit was brengt dat levendig historisch verhaal, èn een gids voor wie de wereld van vandaag en morgen beter wil begrijpen.
26 januari 2026
Onderstaande 'Nieuwjaarsbrief van de Europese leiders' schreef ik op 2 januari voor de krant De Morgen. Ik kreeg er heel goede reacties op. Die 'brief' geeft een voorsmaakje van de analyse die ik aan het einde van mijn nieuwste boek 'De Unie die nooit was' maak over de staat van de Europese Unie en het continent Europa. Die analyse leid ik ook en vooral af uit het hele geschiedenisverhaal van drie kwarteeuw Europese samenwerking dat er aan voorafgaat.
Hier de tekst zoals hij in De Morgen verscheen:
Amerika, of in ieder geval zijn huidige regering, spuwt op Europa. Het lijkt het oude continent als bondgenoot te hebben afgeschreven en ziet het vooral als een economische bedreiging. Het wil Europa de rug toekeren, of in ieder geval stoppen met er dollars te investeren.
Daarom zou mijn grootste wens voor het nieuwe jaar een soort plechtige verklaring zijn die de Europese leiders gezamenlijk afkondigen in het jaar waarin de 250ste verjaardag van Thomas Jeffersons Declaration of Independence wordt herdacht. Ze zou als volgt kunnen luiden:
"WIJ, het volk van Europa, begrijpen dat de huidige, democratisch verkozen regering van de Verenigde Staten niet langer geïnteresseerd is in een leidende rol op ons continent. Wij blijven de Amerikanen nadrukkelijk dankbaar dat zij ons destijds bevrijd hebben van de nazi’s, dat zij ons beschermd hebben en mede-bevrijd van de communistische dictatuur, dat zij ons tachtig jaar vrede en welvaart hebben gebracht. Wij betreuren de koerswijziging in Washington, maar respecteren ze. Wij blijven altijd bereid die intense en vruchtbare band te herstellen.
Wij willen, indien mogelijk, de NAVO behouden. Maar wij streven naar overeenstemming met Washington over een bipolaire structuur van de Alliantie, met de Verenigde Staten enerzijds en een volwaardige Europese pijler binnen vier jaar anderzijds. Die laatste zullen wij European Treaty Organisation noemen, met dezelfde wederzijdse onderlinge defensie-waarborg als de NAVO, zelfs nog versterkt, zoals oorspronkelijk in 1948 was voorzien voor de Westerse Unie.
Die ETO wordt de hoofdverantwoordelijke voor de defensie van Europa. In dat kader streven wij de overname na, tegen betaling uiteraard, van zoveel mogelijk Amerikaanse basissen en militaire installaties op dit continent, en van zoveel als mogelijk van de daar geïnstalleerde defensie-infrastructuur en -arsenalen.
Wij respecteren de keuze van Groot-Brittannië voor zijn special relationship met Amerika, zeker inzake defensie, en begrijpen dat die cruciaal blijft voor Londen. We erkennen ook de sterke Britse traditie waarin het land zich altijd engageerde voor een machtsevenwicht op het continent. Wij staan dus volledig open voor onderhandelingen en verdere intense samenwerking met het Verenigd Koninkrijk, waarbij we het Londen maximaal mogelijk maken beide beleidslijnen te handhaven.
Frankrijk zal de leiding nemen van de vorming van de ETO, gezien het de sterkste militaire macht is op het continent. Het zal daarvoor in de eerste plaats overleggen met Duitsland en Polen, maar alle andere Europese landen – inclusief NAVO-leden Noorwegen en Turkije – daarbij betrekken in functie van de militaire capaciteit die ze inbrengen. Groot-Brittannië, met zijn sterk leger, moet, als het dat wenst, hierin ook een hoofdrol krijgen.
We hebben een sterke Europese Alliantie nodig, (nog) geen Europees Leger. Er moet een militaire structuur worden opgezet als een combinatie van nationale legers. Taken en operaties moeten echter gespecialiseerd zijn om de maximale militaire efficiëntie te bereiken. De Europese markt voor defensieproductie en -aankoop moet zonder verdere bedenkingen of aarzelingen worden gecreëerd.
Strategisch gezien moet de militaire inspanning zich concentreren op de verdediging van het continent en op het voorkomen van oorlog. Imperiale inzet buiten Europa is noch haalbaar, noch wenselijk. De nadruk moet nu liggen op het beschermen van het continent tegen een aanval vanuit Rusland, op de veiligheid van de Europese bevolking, op het verwerven van luchtoverwicht, ook tegen raketten en drones. Het behoud van militaire controle over de zeeën die de Europese kusten bereiken, is een slechts iets minder dringende prioriteit.
Frankrijk en Groot-Brittannië zullen afzonderlijke kernmachten blijven, maar er moet een derde Europese structuur met kernwapens worden opgericht, in nauwe samenwerking met de andere twee. De bestuursstructuur van deze derde Europese kernmacht zal de financiële inzet van de lidstaten weerspiegelen. Lidstaten hoeven niet deel te nemen, al is enig engagement wel gewenst.
Het doel moet zijn om met de drie structuren een gezamenlijke ETO-kernmacht te ontwikkelen (en zonder Rusland, tenminste zolang het Poetin-regime duurt). Deze moet ten minste 1.000 kernwapens hebben, maar niet veel meer. Deze strijdmacht moet voldoende zijn om nucleaire dreigingen tegen het continent af te wenden. Ze doet principieel afstand van elk recht om als eerste met kernwapens aan te vallen.
Wij verzoeken de Europese Centrale Bank zo spoedig mogelijk een gedetailleerd plan op te stellen over hoe de eurozone zich verder kan ontwikkelen tot een autonome mondiale financiële speler en hoe de euro kan uitgroeien tot een stabiele wereldvaluta. Deze voorstellen zullen zo snel mogelijk worden uitgevoerd. Duitsland zal in dit proces het voortouw nemen en samenwerken met de andere lidstaten. Het zal ook de oprichting van een volwaardig Europees Monetair Fonds nastreven, met interne machtsstructuren die de financiële bijdragen van de deelnemers weerspiegelen.
We moeten urgent de Europese Unie versterken. Daarvoor hebben we vooral een veel sterkere democratische structuur nodig dan de huidige. Die moet bestaan uit een brede toepassing van directe democratie in heel Europa, uit een rechtstreeks gekozen parlement met alle bevoegdheden (inclusief alle begrotingsbevoegdheden, interpellatie, het recht van onderzoek, moties van wantrouwen tegen individuele ministers, de uiteindelijke beslissingsbevoegdheid over wetten) en uit een echte regering gebaseerd op een parlementaire meerderheid. Deze laatste zou op de lange termijn proportioneel samengesteld kunnen worden, zoals nu het geval is in Zwitserland.
De Unie moet onmiddellijk beginnen met het versterken van de interne markt – vooral inzake kapitaal, patenten, vennootschappen, digitalisering en defensieproductie - en het herstellen van het concurrentievermogen, zoals beschreven in het Draghi-rapport. Elke vorm van versterkte samenwerking – zelfs onder de huidige drempel van 9 lidstaten – moet worden gestimuleerd. Er is geen alternatief voor Europese samenwerking.
We zullen onmiddellijk toenadering zoeken tot landen, volkeren en internationale structuren buiten Europa die een wereld van vrije handel en bilaterale betrekkingen wensen, die gebaseerd zijn op wederzijds respect, niet op machtsvertoon. Die economische concurrentie accepteren. En die ervan overtuigd zijn dat oorlog volkomen nutteloos en zinloos is geworden in een tijdperk van moderne wapens, waarin je onvermijdelijk eerst vernietigt wat je wilt veroveren.
Wij streven naar samenwerking met de Arabische landen, India, het Verre Oosten, Latijns-Amerika, Canada en Afrika. De Verenigde Staten, als zij dat opnieuw wensen. We willen graag samenwerken met China als technologische vernieuwer en economische grootmacht. Maar we blijven sceptisch over de regelmatige uitbarstingen van nationalistische agressie, ook jegens Japan en Taiwan. Een echte wereldmacht heeft dergelijk pestgedrag niet nodig, vermijdt het zelfs.
We blijven geloven in democratie, vrijheid, sociale rechtvaardigheid, mensenrechten en de rechtsstaat als basisvoorwaarden voor goed bestuur op ons continent. We zullen ecologisch gedrag verder ontwikkelen, op een planeet waar misschien (en ook hopelijk) aan het einde van de eeuw tien miljard mensen in consumptiepatronen van welvaart zullen leven. We zullen deze waarden blijven verdedigen en promoten als humanitair en universeel. Onvermijdelijk zullen we meer geneigd zijn samen te werken met regeringen die (min of meer) deze principes delen.
In die zin zullen we iconen van life, liberty and the pursuit of happiness blijven omarmen, zoals Jefferson, Lincoln, Roosevelt en Martin Luther King Jr., of Pasternak, Solzjenitsyn, Sacharov en Alexei Navalny. We bieden het volk van Rusland, net zoals we dat vandaag de dag al aan de Oekraïners doen, nadrukkelijk deelname aan alle vormen van Europese samenwerking aan, zodra het zich kan bevrijden van dictatuur en imperialisme.
Wij zullen als Europeanen de rest van de wereld niet langer de les lezen. Europa wil een gelijkwaardige partner zijn, verbonden in een multilaterale wereld. Vanaf nu willen we vooral leren van de rest van de wereld, luisteren naar wat anderen te zeggen hebben, en niet langer impliciet het monopolie op wijsheid claimen. In het besef van de nieuwe machtsverhoudingen zullen we samenwerken met de regeringen van elk land.
We zijn ons er volledig van bewust dat Europa zich momenteel in een ernstige crisis bevindt. We hebben radicale hervormingen nodig. We zullen onze genereuze toezeggingen aan de rest van de wereld op het gebied van ontwikkelingshulp, humanitaire hulp en migratiebeleid, in ieder geval tijdelijk, moeten terugschroeven. We zullen ons klimaat- en milieubeleid moeten herzien, nu China – duidelijk slimmer dan Europa – demonstreert hoe klimaat en milieu verenigbaar zijn met economische concurrentiekracht.
We moeten onze eigen bevolking vragen om wat in te leveren in ruil voor een transparanter, efficiënter en rechtvaardiger bestuur. Met een overheidsbegroting die tien procent van het bbp hoger ligt dan het gemiddelde in de rest van de wereld, moeten we geleidelijk evolueren naar meer verantwoordelijke en minder kostbare sociale zekerheidsstelsels (zij het niet ten koste van de werkelijk kwetsbare mensen). We moeten afrekenen met overregulering en onze verslaving aan subsidies. Bovenal moeten we als Europeanen weer meester worden in het systematisch inzetten van nieuwe technologieën om de productiviteit te verhogen (zelfs in de overheidsdiensten), een vaardigheid die onze voorouders koesterden.
Vanaf nu moeten we daadwerkelijk keuzes maken en duidelijke politieke verantwoordelijkheden vaststellen in plaats van ze te ontwijken en beslissingen zo lang mogelijk uit te stellen. De belangrijkste keuzes omvatten allereerst het stoppen van de huidige herverdeling van rijkdom van jong naar oud in alle Europese samenlevingen, en het radicaal bestrijden van het woningtekort op het hele continent.
Last but not least willen we deze verklaring ter goedkeuring voorleggen aan de Europese kiezers in een EU-breed referendum, waarbij een meerderheid van stemmen en van de lidstaten volstaat.
Wij beschouwen deze verklaring als een nieuwe dageraad en een nieuw begin, iets waar Europeanen al een paar decennia nood aan hebben. Laten we er samen aan werken, in naam van onze kinderen en van de toekomstige generaties op dit toch nog altijd gezegend continent.’
18 mei 2025
Voor mijn jongste boek ‘Het Verdeelde Land’ heb ik zeker niet te klagen over mediabelangstelling.
Het begon bijna een maand geleden, nog voor de publicatie met een klein artikel in Le Soir voor een Nederlandstalig boek. Daar ben ik de Brusselse krant en zijn journalist Alexandre Noppe heel dankbaar voor.
Daarna volgden Bruzz, De Standaard, De Morgen, De Tijd en Het Belang van Limburg, alle met uitgebreide interviews. Ik leg de linken naar al die artikels hieronder.
Een paar quotes toch uit al die teksten:
Près de 700 pages et 70 chapitres. Il fallait bien cela pour retracer l’histoire communautaire de la Belgique, allant de la difficile création du pays, en 1830, vue comme une « solution provisoire » aux tensions géopolitiques de l’époque entre les grands empires, jusqu’à l’accession au poste de Premier ministre d’un nationaliste flamand, 195 ans plus tard. Ce travail minutieux est à lire dans Het verdeelde land (Le pays divisé, pour le moment non traduit en français), écrit par Rolf Falter. (Le Soir)
Het 'ultiem boek over België', en 'het belangrijkste geschiedenisboek van 2025' (De Standaard)
Een meeslepende communautaire geschiedenis van België (ja dat kan dus) ... met veel oog voor detail en empathie (De Morgen)
In zeventig korte hoofdstukken vat Falter het ontstaan én het voortkabbelen van België samen. Communautaire kwesties en vooral taal fungeren als protagonisten in een verhaal vol toevalligheden. (Het Belang van Limburg)
Hier de linken:
(De foto hierbij is van Thomas Sweertvaeghers en verscheen bij mijn interview met Bart Eekhout in De Morgen)
21 april 2025
Vrijdag, met de namiddagpost, op de valreep voor het Paasweekeinde, lag dit in de brievenbus. Toegestuurd van bij Lannoo: mijn jongste boek. Ik dacht, in de paassfeer, heel even, en zeer onbescheiden: 'Het is volbracht'. En ik zag vooral dat het goed was ...
Bij elk van de zes delen in het boek, hoort een overzichtslijst van wat je mag verwachten, een lijst van teasers met telkens 'Waarin ..' als eerste woord. Het geheel, hebben we als reuze-teaser, op onze blog meegegeven:
https://www.rolffalter.com/blog#h.5y7nk7oafog4
LEZINGEN EN PRESENTATIES
Rolf Falter geeft lezingen en presentaties over geschiedenis en actualiteit in verenigingen, bedrijven, bibliotheken, culturele centra of op speciale gelegenheden met een historisch cachet. Meestal is dat een verteld verhaal van zowat een uur, met een powerpoint met louter beelden, en altijd met mogelijkheid tot vragen en discussie. Maar hij kan ook op maat werken en het format aanpassen.
Meer inlichtingen op de aparte pagina over Lezingen op deze website
For English and French, see special page on this website
(The picture to the left was taken on Omaha Beach)